|
| |
Reclamebelasting
Belastbaar zijn
openbare aankondigingen die vanaf de openbare weg zichtbaar zijn. Voorbeelden
van openbare aankondigingen zijn borden, uithangborden, stickers en
lichtreclame. De term reclamebelasting kan verwarring wekken. Het is niet zo dat
alleen reclameboodschappen belast kunnen worden; ook andere zakelijke
mededelingen mits zichtbaar vanaf de openbare weg, kunnen in de heffing worden
betrokken.
Wie
belastingplichtig is wordt in de gemeentelijke verordening geregeld. Dat is
degene die het meest direct belang heeft bij de openbare aankondiging. Per
aankondiging kan maar één aanslag worden opgelegd. Meestal wordt
reclamebelasting geheven naar de oppervlakte of de lengte van een aankondiging.
De gemeente kan ook kiezen voor bijvoorbeeld een vast bedrag per aankondiging of
per tijdseenheid. Gemeenten zijn vrij in de keuze voor een
vrijstellingsregeling.
Precariobelasting
Bij de
precariobelasting gaat het om het belasten van het genot dat iemand heeft van
het hebben van voorwerpen onder, op of boven voor de openbare dienst bestemde
gemeentegrond. Onder gemeentegrond vallen grond of water in eigendom van de
gemeente. Voor de openbare dienst bestemd zijn bijvoorbeeld een plantsoen en een
openbare weg, waaronder een trottoir. Dat kan bijvoorbeeld betekenen dat
precariobelasting wordt geheven op caféterrassen.
Belastingplichtig is degene die de voorwerpen heeft. Dat kan de eigenaar zijn,
de huurder of de gebruiker. Slechts één van deze personen kan een aanslag
krijgen. Er zijn verschillende heffingsmaatstaven mogelijk. Meestal wordt
gekozen voor een heffing naar oppervlakte, lengte of breedte van de voorwerpen.
Het is ook mogelijk om een vast bedrag per voorwerp te heffen.
Gemeenten zijn vrij te
bepalen welke vrijstellingen er gelden voor de precariobelasting. In de praktijk
betreft het vaak vrijstellingen voor culturele, maatschappelijke en charitatieve
instellingen.
| |
|