|
| |
Werken op ladder teruggedrongen
Werknemers mogen straks niet meer op ladders werken. Alleen bij korte klussen of
als een veiliger alternatief als een steiger of hoogwerker op een bepaalde plek
niet mogelijk is, mag de ladder nog worden gebruikt. Daarnaast stelt het kabinet
specifiekere eisen aan veilig gebruik van onder meer ladders en steigers. De
maatregel leidt naar verwachting tot een daling van het aantal ongevallen bij
het werken op hoogte met 15 procent. Jaarlijks vinden zo'n 1.000 tot 1.500 van
dit soort ongevallen plaats, waarvan ongeveer 100 met ernstige gevolgen.
Dit is het gevolg van de invoering van een Europese richtlijn in de Nederlandse
regelgeving waarmee de ministerraad op voorstel van staatssecretaris Rutte van
Sociale Zaken en Werkgelegenheid heeft ingestemd. De nieuwe regels worden
ingevoerd per juli 2004. Daarna is er nog een overgangsperiode van twee jaar.
De afname van het aantal ongevallen heeft ook een economisch voordeel omdat
ziekteverzuim en kosten aan de gezondheidszorg worden voorkomen. Jaarlijks leidt
het tot een besparing van 0,4 tot 0,6 miljoen euro op een totaalbedrag van 2,8
tot 4,2 miljoen euro aan kosten als gevolg van ongevallen bij het werken op
hoogte. Tegelijkertijd leidt de maatregel tot extra kosten van 0,5 miljoen euro
per jaar, omdat alternatieven als steigers en hoogwerkers duurder zijn dan
traditionele ladders.
De maatregel is vooral van belang voor de ongeveer 15.000 schilders-, bouw-,
installatie- en glazenwasbedrijven die veel met ladders werken. Omdat door
bedrijven en bij nieuwbouw al rekening is gehouden met de nieuwe regels, heeft
de maatregel gevolgen voor ongeveer 10 procent van deze bedrijven. In de sector
werken ongeveer 250.000 mensen. De invoering van de maatregel is voorbereid in
overleg met de sector.
De ministerraad heeft ermee ingestemd dat het ontwerpbesluit voor advies aan de
Raad van State zal worden gezonden. De tekst van het besluit wordt openbaar bij
publicatie in het Staatsblad.
| |
|